Het indrukwekkende formaat van deze grote ovale zilveren doos, de verfijning van het drijfwerk en de iconografie die erop afgebeeld is, wijzen op een luxueus gebruiksvoorwerp, bestemd voor een welgestelde opdrachtgever. De doos, die in 1655 in Bolsward door Claes Baardt werd gemaakt heeft waarschijnlijk deel uitgemaakt van een toiletset.
In de rijke en krachtig gedreven voorstelling op het deksel zijn drie herders in een landschap te zien met een ezel die opgeschrikt worden door een slang. Door de zorgvuldige opbouw van voor- en achtergrond en de subtiele overgangen tussen hoog- en laagreliëf ontstaat er een grote dieptewerking. Ook de zijkanten van de doos zijn rondom geheel voorzien van fraai gedreven voorstellingen. De kwaliteit van dit drijfwerk sluit aan bij de reputatie van Claes Baardt als een van de meest bekwame drijvers binnen de Friese zilversmeedkunst van de 17e eeuw.
Een Grote Ovale Toiletdoos
Inspiratie
De Bijbelse en klassieke thema’s die op deze doos gecombineerd zijn afgebeeld tonen niet alleen het technische meesterschap van de maker, maar ook de culturele referentiekaders van de elite waarvoor zij werd vervaardigd. Goden en helden uit de klassieke oudheid staan hier model voor protestantse waarden. Verhalen uit Ovidius’ Metamorfosen — boeken die in de 17e eeuw tot het vaste curriculum van de Latijnse scholen behoorden — vormden een belangrijke inspiratiebron voor kunstenaars en graveurs als Hendrick Goltzius en de gebroeders Artus en Hubertus Quellinius. Ook zilversmeden maakten veelvuldig gebruik van prenten- en modellenboeken en lieten zich, net als schilders, door dergelijke voorbeelden leiden. Claes Baardt combineerde in zijn gedreven zilveren voorstellingen regelmatig motieven ontleend aan etsen van onder meer Rembrandt, Antonio Tempesta en Hubertus Quellinius.
Voorstelling op het Deksel
Op het deksel is in hoog reliëf een voorstelling gedreven die kan worden gerelateerd aan Numeri 22, het Bijbelse verhaal uit het Oude Testament van de profeet Bileam, zijn twee dienaren en zijn ezel. In dit verhaal ziet de ezel een goddelijke verschijning die voor Bileam verborgen blijft. Nadat Bileam het dier herhaaldelijk slaat, spreekt de ezel tot hem en waarschuwt hem voor het gevaar. In deze voorstelling, staat de slang symbool voor het gevaar. Deze voorstelling staat symbool voor het belang van waakzaamheid, nederigheid en het herkennen van goddelijke waarschuwingen — zelfs wanneer ze van een onverwachte bron komen.
De Zijkanten
Rondom de doos zijn op de zijkanten in reliëf de negen muzen uit de Griekse mythologie weergegeven, aangevuld met Pegasus, het gevleugelde paard. De muzen zijn herkenbaar aan hun traditionele attributen.
Urania, de muze van de sterrenkunde staat afgebeeld met een globe, een passer en een armillarium; Polyhymnia, de muze van de mimische kunst en de liederen is met een scepter afgebeeld; Erato, de muze van de lyrische poëzie met een passer en een globe; Euterpe, de muze van de muziek met een dwarsfluit en naast haar een luit; Terpsichore, de muze van de dans met een lier en een harp; Clio, de muze van de geschiedenis heeft een pen en boeken; Melpomene, de muze van de tragedie, zang en dans heeft een dolk en een vel papier vast en zit naast een aantal boeken; Thalia, de muze van de komedie en feestvreugde heeft een narrenstaf in haar hand en Calliope is de muze van het heroïsch epos, de filosofie en de retoriek en is herkenbaar aan de boeken en de laurierkrans.
Techniek
De decoratie van deze doos is gedreven en geciseleerd uit het zilver, een techniek waarbij de voorstelling in reliëf van binnenuit wordt gevormd door het met hamers bewerken van de zilverplaat, gevolgd door verfijning aan de voorzijde met ciseleerijzers. Deze werkwijze vereiste hoge technische vaardigheden.
Baardt’s stukken laten zien dat hij deze vaardigheden als geen ander meester was. Ze zijn herkenbaar aan fraai uitgewerkt drijfwerk, vaak met jacht- of veldslagen en verfijnde voorstellingen van figuren, bloemen, vlinders en insecten. Zijn drijfwerk was dan ook vermaard, en hij was een gevraagd zilversmid. Zijn faam blijkt onder meer uit de opdracht hij in 1682 en 1683 krijgt van Henricus Popta tot het maken van twee gedreven kandelaren, een mosterdpot en een zoutvat. Popta behoorde als advocaat van het hof van Friesland tot de elite in het gewest. Hij bezat een aanzienlijke collectie zilver waarvan delen nu, als de Popta schat, deel uitmaken van de collectie van het Fries museum.
Toilettafel
Deze grote doos is zeer waarschijnlijk voor een toilettafel gemaakt en werd gebruikt om kammen of haarkapjes in op te bergen. In de collectie van het Fries museum is een kleine ovale doos van Baardt uit 1656 die hij vermoedelijk bij dit grote exemplaar gemaakt heeft. Op het deksel van dit 8,8 cm brede doosje is ook een gedreven voorstelling te zien met Mercurius en Argus. Een borstelrug met een gedreven voorstelling van Apollo en Daphne eveneens door Baardt gemaakt, heeft waarschijnlijk dezelfde toilettafel gesierd. Tot nu toe zijn dit de enige toilettafel stukken die bekend zijn uit Bolsward.
Claes Fransen Baardt
Claes (1628 – 1693) behoort tot de belangrijkste Friese zilversmeden uit de 17eeeuw. Van de vier generaties zilversmeden die de familie Baardt heeft voortgebracht is Claes Baardt de tweede en de meest virtuoze. Hij wordt geboren in Bolsward als eerste kind uit het huwelijk van zilversmid Frank Rienks Baardt en Lyuwkien Clases Allinga. Ook Claes wordt zilversmid en komt bij zijn vader in de leer. Op 1 december 1640 wordt hij in het goud- en zilversmedenboek van Bolsward als leerling ingeschreven. Hij is dan 12 jaar oud. Op 3 mei 1654 treedt hij in als meester in het gilde, nadat hij de meesterproef met succes had afgelegd. Naar alle waarschijnlijkheid heeft hij de zilversmederij van zijn vader overgenomen.
Claes Fransen Baardt hield zich niet alleen met het zilversmidsambacht bezig. Naast het smeden belegt hij ook nog in onroerend goed. De Bolswarder weesboeken tonen bovendien aan dat Baardt net als zijn vader ook in lakens en stoffen handelde en daarnaast de zaken waarnam voor zijn schoonmoeder. In het jaar dat hij meester wordt treedt hij in het huwelijk met Siucke Harckes, een dochter van lakenkoopman Harcke Gerrits en Trincke Rinnerts en een goede partij. Via Rinnert, de broer van Siucke, raakt Baardt gelieerd aan de beroemde zilversmedenfamilie Van der Lely in Leeuwarden. Toen Rinnert overleed, trouwde zijn weduwe Ijnske Nannes Okma met Frederick Jarichs van der Lely.
Twee Meestertekens
Van Claes Baardt wordt tot nu toe aangenomen dat hij twee meestertekens heeft gebruikt. Een stervormig meesterteken, tussen 1654 en 1661. Daarna, voor zover nu bekend vanaf 1663, het familiewapenmeesterteken met een sikkel en drie sterren. Hij veranderde dus op enig moment zijn meesterteken en stapte van de ster over op zijn familiewapen. Mogelijk speelde de dood van zijn vader rond die tijd een rol. Het maakte Claes Baardt tot pater familias van deze tak van de familie.
Gekeurd op de onderkant met het stadskeur van Bolsward, de jaarletter D voor 1655 en het meesterteken een ster voor Claes Fransen Baardt.